Spaart u ook zegeltjes?

Maandagochtend. De kinderen naar school brengen en halverwege terugrijden omdat dochterlief zich plotseling herinnert dat ze een schoenendoos mee moet nemen. Zoonlief maakt graag van deze onverwachte thuisstop gebruik en pakt nog snel even een voetbal om mee te nemen naar school. Maar het lukt me, mijn kroost zit ruim voor half negen tevreden in de klas.

Dan naar de supermarkt om lunch in te slaan. Het verbaast me altijd hoeveel vragen de kassière moet stellen bij de financiële afhandeling van een paar boodschappen. “Heeft u een bonuskaart?” “Wilt u koopzegels?” “U wilt pinnen?” “Spaart u de servieszegels?” “Wilt u de bon?” De bon sla ik over, de servieszegels prop ik samen met de spaarkaart tussen de boodschappen. Mijn transactie is geslaagd.

Ik loop naar de pinautomaat om wat geld in te slaan. De meneer achter mij in de rij voor de kassa krijgt dezelfde vragen: “Wilt u koopzegels?” “Postzegels?” stelt de meneer een tegenvraag. “Nee, koopzegels” antwoordt de kassière en ik hoor een lach in haar stem. “Ach ja”, zegt de  meneer,  “ik heb last van lawaaidoofheid.” De kassière blijft stil. “Ik was vroeger timmerman en door al dat lawaai heb ik gehoorschade opgelopen. Soms is dat wat lastig.” Inwendig juich ik voor de openhartigheid van deze dappere man. Gewoon even tijdens het afrekenen, na een misverstand vertellen dat je minderhorend bent. Alleen krijgt hij niet de reactie waarop hij misschien had gehoopt. Hij krijgt helemaal geen reactie eigenlijk. De jonge kassière voelt zich misschien wat ongemakkelijk. Ik wacht inmiddels op het geld dat uit de automaat moet komen. De meneer voelt de ongemakkelijke sfeer wellicht ook aan, want hij brengt wat lucht in het gesprek  door te grappen: “”Soms is het ook  heel handig, hoor!” En dan heeft hij alle lachers op zijn hand. De kassière lacht luidkeels en de mensen in de rij ook. Voor ik mijn tassen heb kunnen oppakken, schiet de man al door de deuren naar buiten.

Mijn complimenten!

Wauw. Ik vond dit dus echt wel een beetje jammer. Hoeveel mensen durven er zo voor uit te komen dat ze een gehoorbeperking hebben? Waarom vinden we het zo eng om daar dan een reactie op te geven? Dit moment, dat voor beide mensen ongemakkelijk was, had zoveel fijner kunnen verlopen.

Ik stap in de auto en weet direct dat ik hier wat over moet schrijven. Deze meneer krijgt mijn welgemeende complimenten. En de supermarktketen zal ik aanschrijven, om ze bewust te maken van dit soort situaties. Tenslotte zeggen ze zelf; het bijzondere bereikbaar.

Comments (1)

  1. Dat merk ik ook vaak, vooral bij jonge mensen die vinden het al gauw lastig en gezeur. Maar ook ik zeg vaak dat ik het niet versta. Ook zeg ik vaak, nee hoor, op al die vragen, ik spaar toch niks.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *